Marktdeelnemers (Operatoren) en FSC

De wetgeving verplicht de zogenaamde “marktdeelnemers” (of operators) - zij die hout of daarvan afgeleide producten als eerste op de EU markt introduceren -om een ‘zorgvuldigheidssysteem’ (due diligence system - DDS) te hanteren om zo het risico te minimaliseren dat er illegaal hout of hiervan afgeleide producten op de EU markt worden gebracht.

Verplichting voor operatoren: Due Diligence System (DDS)
Een DDS moet uit drie elementen bestaan:

  • het verzamelen van informatie,
  • het op basis van die informatie uitvoeren van een risicobeoordeling
  • en het waar nodig uitvoeren van risicobeperkende maatregelen.

Marktdeelnemers kunnen hun eigen DDS hanteren, of gebruik maken van de diensten van een monitoringorganisatie die hen voorziet van een DDS. Deze monitoringsorgani-saties zijn vergelijkbaar met certificeerders, maar ze moeten erkend zijn door de Europese Commissie en worden gecontroleerd door nationale instellingen

Wat moet een bedrijf dat FSC gecertificeerd hout importeert in de EU, of FSC hout van Europese origine als eerste op de markt brengt, nog extra doen?
Formeel gesproken moet een bedrijf dat FSC gecertificeerde hout en houtproducten op de Europese markt plaatst ook deze producten in een due diligence systeem (DDS) beoordelen. Met andere woorden, het is niet omdat een product FSC gecertificeerd is, dat het hierdoor automatisch vrijgeleide krijgt in kader van de EU Houtverordening. Echter, voor FSC gecertificeerde en gecontroleerde producten, heeft het FSC systeem wel alles in huis om op zeer eenvoudige en weinig omslachtige manier te voldoen aan de vereisten van deze wetgeving.

Voor FSC gecertificeerde producten - aangekocht met de juiste garanties- biedt het FSC systeem dus een praktisch en concreet antwoord in elk van de 3 stappen van een DDS:

1) Informatie
De eerste stap in een Due Diligence System (Art 6) is het verzamelen van informatie. 
De verordening specificeert welke informatie nodig is:

a) De gebruikelijke naam van een boom/houtsoort en, “waar van toepassing” ook de volledige wetenschappelijke naam .
b) Het land van oorsprong: het land waar het hout geoogst werd. Waar van toepassing is ook informatie over de herkomstregio binnen een land tot zelfs de bosbeheereenheid van oorsprong vereist .

Hoewel deze informatie aanwezig is in het FSC systeem, wordt deze niet noodzakelijk ‘automatisch’ verschaft aan een “marktdeelnemer” (operator) die FSC gecertificeerde producten koopt, tenzij de operator direct koopt bij een FSC gecertificeerde bosbeheereenheid. In de nabije toekomst kan het Online Claims Platform deze informatiedoorstroming verzorgen. In de tussentijd preciseert een recent gepubliceerde Advice Note hoe en wanneer deze informatie door FSC CoC gecertificeerd leveranciers bekomen kan worden.

c) Hoeveelheid (uitgedrukt in volume, gewicht of aantallen), 
d) NAW-gegevens van de leverancier (van de operator)
e) NAW-gegevens van de klant/ aan wie het hout of houtproducten geleverd zijn,

Het verzamelen en archiveren van deze informatie is een verantwoordelijkheid voor de operator. Deze informatie is normaal gesproken in iedere inkoop- of verkoopfactuur te vinden (en dit is reeds een vereiste i.k.v. FSC CoC Certificering).

f) Documenten en andere informatie waaruit blijkt dat het hout/de houtproducten in overeenstemming met relevante wetgeving is geleverd.

FSC Forest Management en FSC Controlled Wood certificaten voldoen hier in principe aan, maar de ‘relevante wetgeving’ verwijst ook naar “trade and customs [legislation], in so far as the forest sector is concerned”, wat momenteel niet noodzakelijk opgenomen is in FSC CoC vereisten. FSC werkt aan een oplossing hiervoor.


2) Risicobepaling en risicobeheersing voor FSC-gecertificeerde (en FSC controlled wood) producten: 
Hiervoor geldt dat zij voldoen aan de relevante wet- en regelgeving van het land van herkomst. Principe 1 van FSC vereist dat.

Ook voor de andere twee elementen in een DDS - risicobepaling en risicobeheersing - is het FSC systeem zeer bruikbaar. Immers, wanneer voor een partij FSC-gecertificeerd materiaal de verzamelde in-formatie (m.b.t. herkomst en houtsoort) zou wijzen op een substantieel risico voor illegaal hout, dan biedt de FSC-certificering voldoende zekerheid dat het risico verwaarloosbaar is (“laag risico” in FSC terminologie). Immers, legale herkomst van hout wordt in het eerste FSC principe aan de orde gesteld.Ook wanneer een operator met niet-FSC gecertificeerd hout werkt, waarvoor een substantieel risico op illegaliteit bestaat, dan biedt FSC een nuttig instrument voor risicobeheersing. FSC Chain of Custody gecertificeerde operators kunnen immers gebruik maken van een FSC Controlled Wood Verification Program (zoals beschreven in de FSC-standaard FSC-STD-40-005) binnen de scope van hun FSC CoC certificaat en alle niet-FSC-gecertificeerde materialen binnen dit verificatieprogramma toetsen. Uiteraard kan men – zeker bij import uit ‘risicolanden’ – opteren voor FSC-gecertificeerde producten.

Opdat het FSC systeem gebruikt kan worden in de evaluatie en vermindering van het risico, zou het FSC systeem moeten voldoen aan de 4 criteria voor '3de partij certificeringen' zoals vermeld in de Implementing Act. Om bedrijven die FSC producten aan/verkopen heeft FSC een praktische handleiding opgesteld:


© Forest Stewardship Council® · FSC® F000202